woensdag 27 april 2016

NEW: Arabelle Meirlaen - cuisine intuitive

Een artikel verschenen in de Tijd van 24 april,

10 geldvragen aan Arabelle Merlaen

Dorian van der Brempt - voormalig Directeur van 'deBuren'

Afbeeldingsresultaat voor dorian van der brempt
(c) Dorian van der Brempt
Bent u fier om Belg te zijn? Niet echt. Ook niet om Vlaming of Antwerpenaar te zijn. Ik heb geen vezel nationalisme in mijn lijf. Ik vind België een grappig, comfortabel, gezellig maar erg onvoorspelbaar land. Er zijn veel plaatsen waar ik had willen en kunnen leven. Ik ben een stadsmens. De stad vind ik boeiend omdat het een samenlevingsverband is van vele sinds meer verschillende mensen. We zijn in België verwend. Maar het is ook klein land. In veel wereldsteden leven meer mensen dan in België. Je hebt in dit land vlug de toer gemaakt. Alles is met elkaar verweven. De verkaveling is niet alleen een architecturaal fenomeen, in dit land is ook de macht verkaveld. Niemand heeft er nog echt. Alles is in mootjes gehakt en dat maakt het moeilijk werkbaar. Het is raar dat het zo lang geduurd heeft vooraleer de gemeenschappen cultureel samen konden werken.. Als je aan een buitenlander België hebt uitgelegd en hij denkt dat hij het begrepen heeft, heb je het waarschijnlijk niet goed uitgelegd.
Belg zijn? Het is moeilijk definieerbaar, een vraag met evenveel antwoorden als er Belgen zijn.

Wat kunnen we nog verbeteren? Het is soms moeilijk om te begrijpen wat we willen zeggen. We zijn ook behoorlijk ‘onbetrouwbaar’,maar dit maakt het ook charmant. Het is een complex land meteen handleiding.

Directeur van het cultuurhuis de Buren? Kunt u daar iets meer over vertellen of over uw loopbaan?
Ik was op weinig voorbereid en heb altijd de dingen laten komen zoals ze kwamen, het toeval heeft een ongelooflijke rol gespeeld in mijn leven samen met een aantal ontmoetingen. Intuïtie was heel belangrijk.

Wist u al vroeg wat u wou worden? Als kind wist ik absoluut niet wat ik wou worden. Ik was wel gezond nieuwsgierig. Ik ben aan Romaanse Filologie begonnen maar gestopt. Een duidelijke richting heb ik nooit gekozen. Ik heb een aantal jaar de Priorij Corsendonk in Oud Turnhout gerund.
Daarna, door toeval, ontmoet ik Axel Enthoven die voor 100% mijn tegenpool is. ‘Pratikerend franskiljon’, golfspelend en jagend. Een schitterende verkoper en zijn tijd vooruit: alles was communicatie, de inhoud volgde. We waren zeer verschillend en zijn vraag om samen te werken kwam als een verrassing. We hebben gedurende 15 jaar, van 1985 tot 2000, met succes en veel plezier, een bedrijf geleid. Er is niemand waarmee ik zo vaak van mening heb verschild. Maar we hebben ook veel gelachen . We waren echte antipolen en onze complementariteit was mooi. Enthoven Associates Design Consultants ontwerpt sanitair, trams en treinen, autobussen en autocars. Ook internationaal waren we aanwezig in verschillende Europese lander, in Azië en in Noord-Amerika. Het succes van dat bedrijf had met lef en hard werken te maken.

Résultat de recherche d'images pour "foto dorian van der brempt"
(c) Dorian van der Brempt
Ik heb ook een tijd als adviseur op het kabinet van cultuur gewerkt en werd directeur van boek.be, de belangenbehartiger van uitgevers, boekverkopers en importeurs. Al die jobs lagen letterlijk en figuurlijk in elkaars verlengde en in 2005 word ik directeur van de Buren. Ik noem dit graag mijn synthese job omdat ik daarvoor heel veel met Nederlanders en met Nederland te maken had. Ik bewonder Nederlanders ook voor hun organisatietalent en voor hun zakelijkheid. In cultuursubsidies werd hard gesneden maar zelfs na de bezuinigingen vinden we in het Noorden kwaliteit in de musea en podiumkunsten. Ik werd steeds meer overtuigd dat Vlaanderen en Nederland over zeer complementaire kwaliteiten beschikten.

deBuren leidde ik tien jaar tot 2015. Gedurende 10 jaar mocht deBuren 1,5 miljoen euro in culturele projecten investeren. Dit is een cadeau en ik ben Nederland en Vlaanderen hiervoor ongelooflijk dankbaar.

Mocht je opnieuw beginnen wat zou je dan doen? De absurde veronderstelling dat je een ‘tweede kans’ krijgt, een tweede leven mag bedenken verleid me om iets totaal anders te doen. Waarom geen pediater? Ik vond het ongelooflijk boeiend en mooi om mijn kinderen en kleinkinderen te zien groeien. Empathie is volgens mij een van de belangrijkste goede eigenschappen van een mens. Een pediater heeft een goed ontwikkelde empathie.

Hoe kan de jeugd zich oriënteren? Bij het begin van een schooljaar heb ik eens een speech gehouden voor het conservatorium, de Artesis hogeschool in Antwerpen. Mijn vader was professor kunstgeschiedenis en ik herinnerde me een van zijn adagio’s : 'niemand heeft het recht u te ontmoedigen’. Ik vond dat heel mooi want een kunstenaar zal steeds kritisch door zijn omgeving worden bekeken. Ik heb veel respect voor jongeren, die die keuze maken om kunstenaar te worden. Het is kiezen voor risicovreugde, kiezen voor risico en voor vreugde.

Denk je dat het nu moeilijker is dan vroeger om als je ergens voor wil gaan, dat het dan ook zal lukken? Dat denk ik wel omdat er veel meer concurrentie is. Er is goed en slecht nieuws voor jongeren vandaag. De wereld is geglobaliseerd, je kunt dus met je talent overal naartoe. Het slechte nieuws is dat de wereld ook naar hier kan komen.

Volgens mij is de ontwikkeling van gezonde nieuwsgierigheid en een goed empathisch vermogen de sleutel tot geluk. Misschien kan het onderwijs hier ook een rol in spelen. Ze hebben het altijd over creativiteit alsof dat een aan te leren ‘vak’ was.. Ik vind empathie even belangrijk als creativiteit. Bij jeugdbewegingen leerde je dat vroeger ook in het leger. Daarom zou ik graag en verplichtte burgerdienst zien voor vrouwen en mannen in de culturele of sociale sector of in onderwijs. Het is sociologisch interessant. Ik leerde Louis de ruitenwasser in het leger kennen. Hij leerde mij luisteren.

Heeft u nog een andere boodschap voor de jeugd? Ja, nog een quote van mijn vader: ' het beste is juist goed genoeg voor jou'. Je moet durven veeleisend zijn. Niet tevreden zijn met middelmatigheid.

Afbeeldingsresultaat voor dorian van der brempt
(c) Dorian van der Brempt

maandag 14 maart 2016

Michèle Paque - Managing Director Benelux Quintiles

Michèle PAQUE
Pourquoi les Belges ont une telle popularité? Je me suis souvent posé la question. Je me suis dit qu'on part du principe qu'on est petit, humble et qu'on doit être encore plus performant, plus innovant, plus créateur. Meilleur dans sa passion et dans son art. Il faut être innovatif et créatif dans le monde actuel. Il faut aller au-devant Il faut savoir collaborer, il faut avoir les 2 pieds sur terre. Ce sont des qualités que nous développons parce que nous sommes belges. Quand nous exportons cela vers l'étranger ce sont des atouts énormes, qui ne sont pas partout développés de la même façon. Je travaille avec différentes nationalités et je vois des différences. Ce qui caractérise le Belge aussi, c'est son côté bon enfant, on peut en rire mais selon moi c'est une force parce que nous sommes authentiques. L'authenticité c'est ce que tout le monde recherche en ce moment: des leaders authentiques. Nous avons là un part important à jouer. Les Belges savent encore s'exprimer de façon naturelle, dire bonjour aux gens, nous sommes engagés dans des causes saines, qui lient les gens.

Moi, je travaille dans la recherche, c'est un choix que j'ai fait depuis toujours. Ce qui me tient à cœur: aider chacun à trouver sa place dans la société, c'est ce j'appelle la diversité, la diversité positive. Dans cette optique il y a aussi la 'gender diversity', homme / femme. Ce qui, dans mon parcours m'a toujours blessé en tant que femme, c'est qu’à chaque instant, j'ai dû me battre pour faire reconnaitre que j'avais une valeur égale à celle de mes collègues masculins. Heureusement il y a toujours un côté positif parce que de cette façon, on développe des compétences. Ma volonté c'est de jouer un rôle, non seulement dans la santé, mais également dans le ‘gender diversity’ et peut-être le rôle 'soyons fiers d'être belge’, c'est aussi un rôle que j'aimerais bien porter, parce que je rencontre beaucoup de gens qui trouvent qu'en Belgique il y a beaucoup de talents.

Comment est-ce qu'on acquiert certaines autorités dans un domaine? Par la rigueur, le travail et la passion. Cela mène à l'excellence. L'excellence n'est qu'un moment. On peut l'être dans un dossier ou dans un moment, mais le monde bouge tellement vite. Il faut toujours se mettre en question car on est vite dépassé. Si on atteint 80% de l'objectif, c'est bien, on peut féliciter les gens, fêter les succès, remercier les gens pour les réussites. Les faire participer, sentir l'effort commun, la rigueur et la concentration commune, à ce moment, on sent une énergie énorme. Parfois on sent des conflits ou des frictions. Ce n'est pas grave, il faut passer outre pour atteindre l'objectif commun. Donc bien cerner l'objectif au départ pour tout le monde. Avoir des opinions différentes c'est enrichissant! Un deadline très précis c'est important aussi pour arriver à un résultat. Dès que le résultat est atteint, féliciter tout le monde. Pour continuer à progresser pour atteindre l'excellence, toujours aller plus loin. Les étapes aussi sont importantes. Il faut les ancrer et les célébrer. Faire des ancrages positifs, comme des pieux sur la montagne. Encrages positifs pour pouvoir évoluer. Se dire que les gens ne retiennent que les beaux moments.

Un autre message pour les jeunes? J'invite tous les jeunes, ici et ailleurs, d'être ambitieux. A réaliser leur rêve, à se donner les moyens de les atteindre et de croire en eux. Il est très important de croire en ses ressources et de s'auto dépasser car il y a tellement de choses à faire, tellement de rencontres, de matières à développer. Le monde est beau, riche de savoir de belles rencontres, mais il faut y croire et s'engager. S'engager dans la voie : ‘je veux être le meilleur’. Pas pour écraser mais je veux donner d'avantage de passion de bonheur chez les autres. C'est créer son art pour créer le bonheur chez les autres. Nous sommes 350 ici et le bonheur de réaliser des choses ensemble est extrêmement important à conserver. Trop de jeunes disent que c'est trop dur. Le fait que ça commence déjà à l'école c'est parce que l'école est une obligation. Quand on regarde l'Afrique où ce n'est pas une obligation les jeunes se battent pour aller à l'école.

Qu'est-ce qu'on pourrait améliorer en Belgique? Nous sommes trop orientés vers le négatif. Renforcer les talents belges, c'est bien. La diversité qui est créée, soyons en fier. Utilisez toutes ses

forces - l'union fait la force, c'est important. On a tendance à le casser. Tout le monde essaye de se regrouper. Le futur c'est la connexion et la co-création de communautés de gens, qui pensent la même chose. Et ici on a cette chance mais on ne le fait pas. En Belgique, la situation est compliquée à cause des différences qui existent dans la législation des différentes communautés.

Il nous manque aussi 'être fier d'être belge’, il y a des New Yorkais qui sont fiers d'être New Yorkais. Pourquoi pas nous? On devrait s'exprimer beaucoup plus. En s'exprimant dans les medias, dans les connexions, on fait tâche d'encre, avec des modèles qui sont suivi, des noms connus. Ceci peut faire bouger les choses, donner de l'espoir aux autres.

zondag 20 december 2015

In memoriam - Luc Brewaeys

Het is met ongeloof en tevens met droefheid dat ik het artikel in de krant las, omtrent de dood van Luc Brewaeys.

In juni dit jaar, had ik nog een gemoedelijk gesprek met Luc in de zetel, terwijl zijn dochter aan tafel zat te studeren en zijn hond aan zijn voeten lag te kwispelstaarten. Ik zag wel dat hij het soms moeilijk had, maar toch, hij had al 5 kankers overwonnen. Als je zo positief ingesteld bent en mentaal zo sterk, dan zul je blijven vechten en overwinnen. Of niet?

Jammer dat zo'n creatieve en talentvolle man ons nu al moet verlaten. Jammer dat hij geen muziek meer zal componeren of voor ons de juiste klankbronnen zal vinden. Jammer dat hij zijn kennis niet meer zal kunnen blijven doorgeven aan zijn studenten.

Het gaat je goed Luc, stuur ons wat hemelse klanken door en vooral :  je zult voor altijd in onze herinnering blijven. 

vrijdag 4 december 2015

Arabelle Meirlaen - Cuisine intuitive

Arabelle

Ma cuisine, je l’imagine comme la vie :
belle, goûteuse, croustillante, pleine d’amour et d’émotions …

www.arabelle.be

 
Qu'est ce qui vous a inspiré? J'avais commencé des cours de couture. A l'époque j'avais plusieurs options: la couture, que j'aimais vraiment bien parce que je voulais etre styliste ou bien le dessin, la création de nouveaux objets. Cétait un moyen de créer mes propres modèles personnelles, d'être originale et de m'habiller autrement. Puis mes parents ont déménagé et ont du me changer d'école, il n'y avait plus cette option de couture que je voulais continuer et j'étais très triste. Ils m'ont conseillé de faire l'école hoteliere. C'est un beau métier et on aura toujours besoin de manger. Je voulais bien essayer. Au départ je n'avais pas spécialement accroché. Quand j'ai commancé les stages je me suis rendu compte du peps du métier, de l'ambiance, du challenge et j'ai piqué un sprint. Là, j'ai découvert une autre face du métier et j'ai apprécié.

Il y a des fois qu'on écoute la vie et quand je fais le total de ce métier ci, on touche à toutes les facettes du métier. Comme j'aime bien l'art de la création, le challenge, je constate que tout se rassemble ici. Le tout est d'ouvrir les yeux et d'écouter. Mes parents étaient indépendants et je voulais etre indépendante aussi. J'étais mieux placée pour savoir ce que c'était.

Quand est-ce que vous avez commencé? Il y a 17 ans, j'avais envie d'ouvrir mon propre petit restaurant, quelque chose de convivial, un point de rencontre. Nous avons déménage depuis, le restaurant a évolué. A force de toujours vouloir faire mieux, on est monté de plus en plus haut.

Qu'est ce qui vous différencie des autres? On a chacun son style, je ne me compare pas aux autres. Je ne veux pas être comme les autres. Le but est de constater ce que les clients aiment. Est ce qu'ils sont prêts a me suivre? Il fallait que je détermine mon style, ma phylosophie. C'est pareil pour les chefs d'entreprise : ils ont un but.

Cuisine intuitive? Qu'est ce que ca veut dire? C'est une cuisine inspirée par mes propres besoins et les effets des nutritions sur la santé. Etre à l'écoute de sons corps, des saisons et de la vie.
Ce qui est important c'est de savoir ce qu'on veut vraiment, à la base et de vraiment y croire. Quand on veut on peut, on est tous capables. C'est un message pour les jeunes. Il faut avoir confiance en soi. Si on n'a pas confiance en soi on hésitera toute sa vie.

J'ai fait des essais sur moi: j'ai équilibré les glutens, les céréales, les produits laitiers et les sucres. Principalement des protéines et légumes. Le but était de faire une cuisine sans glutens, sans lait, tout en gardant un plaisir gustatif, en donnant beaucoup de gout. Psycholigiquement on a envie de se faire plaisir, surtout qu'en Belgique il n'y a pas toujours du soleil. Le but est de prendre du temps à soi, d'apprendre à se connaître, d'être toujours positif.

C'est bien d'aller jusqu'au bout des études, il faut une base minimale et les langues aussi c'est important. Après il faut écouter ce qu'on aime faire et le faire. Il ne faut pas faire quelque chose que pour l'argent, il faut faire ce qu'on aime et après l'argent viendra.

Est-ce que vous êtres fière d'être belge? Bien sûr, je suis bien où je suis. Un pays chaud c'est bien, mais ici nous avons nos racines, nos amis. A l'étranger on est seul. Tout le monde rêve d'etre seul sur une ile mais comment s'occuper?

Qu'est qu'il faudrait changer en Belgique? Payer moins d'impots, moins de charges sociales. Si on avait des charges moins lourdes, on pourrait engager plus de personnel. Ce serait bien pour diminuer le chomage: diminuer les charges et augmenter les salaires, ce serait l'idéal.

maandag 28 september 2015

Manuel Sintubin -Professor of Geodynamics in the Department of Earth and Environmental Sciences at the KU Leuven

(c) Manuel Sintubin
Kunt u in het kort beschrijven waar u zich mee bezig houdt? Mijn profiel is tweeledig, enerzijds ben ik geoloog en anderzijds ben ik professor, onderzoeker en lesgever. Beide aspecten komen wel aan bod. De jeugd moet zich realiseren dat als ze uitsluitend prof willen worden, dit bijna uitgesloten is in Belgische context, gewoon omdat er niet genoeg middelen zijn. Het omvat een vrij breed spectrum: onderzoek, lesgeven, dienstverlening met wetenschapscommunicatie, intern en extern.


Wie of wat heeft u geïnspireerd? Bij mij zit er een tamelijk klassiek patroon in, dat de meesten onder ons wel zullen herkennen. Ik ben altijd al geïnteresseerd geweest in natuurwetenschappen en in het heelal. Ook in techniek, met bijvoorbeeld de zoektocht naar de elementaire deeltjes of kernfusie, dat tijdens mijn jeugd ‘hot’ was. Verder heb ik ook heel veel gereisd met mijn ouders, voornamelijk in Europa. Het eerste wat me daar interesseerde was Italië, Rome en de oude Romeinse cultuur en het eerste wat je dan denkt is: ik wil archeoloog worden. Een soort Indiana Jones, dat heeft heel lang geduurd. De jaren nadien verder rondgetrokken in Italië, dan Pompeii bezocht en de Vesuvius, dan de Etna, de vulkanen, mineralen en gesteenten verzamelen. Zo is het geleidelijk aan verschoven en is het geologie geworden.


Na mijn opleiding geologie ben ik van het een in het ander gerold, er zitten altijd wendingen in die je niet onder controle hebt. Van post-doctoraat heb ik via alle stappen aan de universiteit, mijn loopbaan uitgebouwd van professor, onderzoeker binnen structurele geologie. We hebben veel onderzoek gedaan. De cirkel gaat rond: je hebt het Sagalassosproject, de bekende archeologische site in Turkije, de opgravingsdirecteur vraagt me om eens naar de site te komen, want hij vermoedde dat er aardbevingen de geschiedenis van de stad zouden gekleurd hebben. Dat is de serendipiteit wat in je loopbaan en onderzoek zit, het was een vrij nieuwe discipline: archeoseismologie; de studie van aardbevingen in archeologische omgevingen, in oude gebouwen. Zo ben ik ook geïnteresseerd geraakt in aardbevingen en in de relatie tussen aardbevingen en de mens en zijn cultuur en geschiedenis. Zo stelt zich de vraag: hoe ga je om met aardbevingen en de sociologie erachter en de psychologie. Met het gevolg dat ik hier enorm bij betrokken ben, bijvoorbeeld rond de discussies rond aardbevingen in Groningen. Ik speel daar mijn rol als wetenschapper in de maatschappelijke discussies. Wat onze job zo boeiend maakt is de diversiteit: je kunt heel veel aandacht besteden aan onderzoek maar je hebt ook de onderwijspoot en de dienstverleningspoot met wetenschapscommunicatie en 'policy making', je hebt een enorm spectrum met heel veel communicatie.


Wat zouden we moeten verbeteren in België? Wat mijn 'dada' is, al heel lang is het wetenschapsonderwijs : de ervaringen met kinderuniversiteit, met dag van de wetenschap, de Vlaamse wetenschapsweek. Ik ben lang de academisch coördinator geweest aan de KU Leuven. In de discussie met de overheid ben ik ook pleitbezorger geweest van de organisatie van de dag van de wetenschap, die nu sinds 3 jaar georganiseerd wordt. Wat ik van in het begin ervaren heb in dit traject en in de huidige STEM discussie: als je met kinderen bezig bent zijn dit van nature wetenschappers, die stellen voortdurend 'waarom' vragen. Er gebeurt echter iets op humaniora niveau waardoor die interesse verdwijnt. Dit is mijn ervaring en dat maakt dat de instroom naar wetenschappen beperkt.


Persoonlijk vind ik dat aardwetenschappen de beste wetenschap is, wel het belangrijkste, het interessants, er is voortdurend een wisselwerking tussen verschillende domeinen. Soms houden we ons bezig met fysische geografie, fysica dus, kristallen, dat is fysica, soms met chemie, met het metabolische organische, mineralen, dus ook anorganische chemie, met de mens, dus sociale geografie. Er komt veel aan bod. Dan zie je alle wisselwerkingen, Ik heb er nog geen seconde spijt van, ook als je op reis gaat, bekijk je de wereld op een andere manier; dat is plezant.



(c) Manuel Sintubin

dinsdag 8 september 2015

Jan Raes, algemeen directeur van het Koninklijk Concertgebouworkest in Amsterdam

 
Als ik binnenkom in het bureel van Jan Raes, kijken een honderdtal musici me aan, van op de foto aan de muur: het Koninklijk Concertgebouworkest van Amsterdam. Jan is de algemeen directeur en ik vraag me af waaruit zijn taken bestaan en welke troeven je moet bezitten om zo'n grote groep van een 200-tal personen te leiden (orkest en administratief personeel).

 Kunt u in het kort iets vertellen over uw loopbaan hier? Al 7 jaar ben ik eindverantwoordelijke voor het artistiek en zakelijk beleid van het orkest. En dit samen met mijn staf. De kerntaak is natuurlijk het orkest zelf, dat telt 120 leden. Maar er is ook een staf van 50 mensen, die geen muziek spelen.. Het orkest van Amsterdam hoort bij de oudste orkesten ter wereld, ontstaan in 1888.
Samen met mijn directe medewerkers van de artistieke afdeling bedenken we onze dromen. We spelen een 120 concerten per jaar, een 80-tal in Amsterdam, en gemiddeld 35 tot 40 in het buitenland.


Het is een proces van programmeren en plannen. We moeten zorgen dat de kwaliteit van het orkest zo goed mogelijk is, zodat we in het buitenland uitgenodigd worden.


Mijn belangrijkste taak is ervoor zorgen dat alle afdelingen goed functioneren. We brengen muziek van de laatste 280 jaar. Ik coördineer die managers, die elk een afdeling leiden, en woon 3 kwart van de concerten bij. Op tournee probeer ik er altijd bij te zijn. Dat betekent gesprekken met sponsors, met gasten, ik geef inleidingen, ik heb gesprekken met de ministers over de subsidierondes en nog veel meer.


Er wordt ook veel vooraf gepland, we plannen nu al wat we in 2017 gaan doen of in 2018. Mijn taak is vooral strategisch bezig zijn en het dan concretiseren. Het is een veelzijdig beroep met heel veel bevlogen mensen. Het is een passie en er is heel weinig routine en die wil ik er ook uithouden. Dat maakt het verschil : een bijzonder orkest is altijd goed, er is geen routine.


Wat zijn de toekomstplannen? Voor 2020 dan? De grote lijnen zijn al tot 2020 vastgelegd.
Nu plannen we een groot project voor 2016 – 2018 waarover ik nog niets mag zeggen. Het creëert een punt aan de horizon. Wat ga je spelen in Azië, in China, waar 40 miljoen mensen professioneel piano spelen. De zalen zitten er vol. Elke maand opent er een concertzaal in China. Daar zit nog groei. Brazilië, waar we ook geweest zijn, is booming terwijl in Europa de klassieke muziek zich moet herbronnen en er binnen 10 jaar waarschijnlijk niet zo veel orkesten meer zullen zijn. Het muzisch onderwijs in de dagscholen moet absoluut prioriteit krijgen. Ook om maatschappelijke redenen. Het is niet zo gemakkelijk maar in sommige streken is er wel degelijk groei. De wereldtournee van 2013 is een groot succes geweest, er is zelfs een bioscoopfilm over gemaakt.


Ik vermoed dat u reeds van jongs af aan met muziek bezig was? Ja, ik ben opgegroeid in een gezin waar mijn moeder goed piano speelde, en conservatorium liep. Tussen haar broers zat er een professionele violist/pedagoog bij. Mijn vader heeft zijn loopbaan in de zakenwereld uitgebouwd en had niets met muziek te maken. Hij is financieel expert geworden. Zijn hart lag wel bij muziek en geschiedenis. Ik heb gevoel voor muziek gekregen via mijn moeder en oom. We hebben thuis altijd naar muziek geluisterd, we gingen altijd mee naar concerten. Onze vakanties waren gevuld met musea, kerken en kloosters, dat is wel vormend. Op die manier krijg je een mix mee.


Heb je een boodschap voor de jeugd? Reis zo veel als je kan. Studeer ook filosofie of geschiedenis. Alles heeft ooit een plek. Ik heb ook nooit management of public relations gestudeerd. Ik was musicus en ik heb onderweg geleerd. Je moet eigenlijk heel je leven blijven leren. Hou contact met andere mensen, met andere culturen. Talent is belangrijk, maar je moet hard werken. Persoonlijkheidsstructuur is belangrijker dan diploma's. Durf! De gemiddelde Belg is te bang, te bescheiden.


Bent u fier om belg te zijn? Ik reis veel en ik werk al lang in het buitenland, maar ik woon nog in Antwerpen. Ik kom in heel veel landen. Belg? Daar denk ik niet over, maar ik voel wel dat ik Belg ben als ik in het buitenland ben. Een aantal dingen is echt ingeworteld: gewoontes, eten en drinken. Je ziet ook al die andere gedragsculturen, maar ik ben geen nationalist. Ik hou van België omdat het zo'n surrealistische constructie was in 1830, die ons creatief maakt, flexibel en soepel. Het is niet voor niets dat we goede schilders hebben zoals Magritte, Delvaux, en goede strips en nog veel meer. Internationaal zijn we heel breed inzetbaar, ook qua talen. Ik ben pro Europa, maar dat betekent niet dat ik tegen Azië ben, maar ik geloof wel in een inspirerende interculturaliteit, in Europa. Het is verrijkend om in zo'n land als België te mogen wonen.


Wat zou er nog kunnen verbeterd worden ? Ik zou nog meer innovatie, durf en ondernemingsschap, en meertaligheid in het onderwijs willen inbrengen. De lagere school kan reeds 2-talig zijn. Meer muzische vakken, actief dan: drama, toneel of dans,...van de lagere school tot je 18 bent. Later, in het hoger of universitair onderwijs, kunnen ook bredere vakken zoals filosofie of maatschappijleer aangesneden worden. Dat heb je in het leven nodig, en in je beroep. Niet alleen specialisten, maar ook generalisten zijn broodnodig. Zelfs voor minder getalenteerden is het verrijkend om samen toneel of muziek te beoefenen. Het verbetert je enorm als mens om samen te spelen, je creativiteit te ontwikkelen, het verrijkt je emotioneel en het vergroot je empathie, omdat je kunt samenwerken met anderen, ook als die een andere taal spreekt, het scherpt je denken. Zelfrespect krijgen is belangrijk en dat ontstaat als je iets kunt, waardoor je dan weer beter omgaat met de anderen.


We leven in een tijd van desintegratie: mensen maken steeds minder deel uit van een gemeenschap. Vroeger hadden we fanfares, meer verenigingsleven, nu worden mensen eenzamer. Deel uitmaken van een community is belangrijk voor je mentale gezondheid. Muziek is hiervoor een belangrijk instrument. In Europa moet cultuur en actief deelnemen aan kunst en cultuur, een veel belangrijker agenda-punt worden. Er is geen enkel ander continent, dat zo rijk en verscheiden is als Europa.